Gespecialiseerd onderwijs

De scholen binnen ons samenwerkingsverband proberen allemaal aan zo veel mogelijk leerlingen een passende plek te bieden, ook als de situatie rond leerlingen ernstig of complex is. Dat neemt niet weg dat er ook scholen zijn waar specifieke ondersteuning wordt geboden aan leerlingen die daarop aangewezen zijn. Welke speciale mogelijkheden er zijn binnen het regulier onderwijs vindt u op deze pagina. Daarna komt het voortgezet speciaal onderwijs aan de orde.

Speciale mogelijkheden op gewone scholen 

Het is van grote waarde dat scholen over de expertise beschikken om te kunnen signaleren welke ondersteuningsbehoefte een leerling heeft en wat adequate vormen van ondersteuning voor die leerling zijn. Daarom hebben schoolbesturen afgesproken dat op alle scholen orthopedagogische deskundigheid aanwezig is. Op de meeste scholen is een orthopedagoog toegevoegd aan het ondersteuningsteam. De aanwezigheid van deze orthopedagogen versterkt de ondersteuningsmogelijkheden van de school. 

Praktijkonderwijs

Praktijkonderwijs valt onder regulier voortgezet onderwijs. Het doel van het praktijkonderwijs is leerlingen toe te leiden naar werk of een vervolgopleiding. Maatwerk en gepersonaliseerd leren zijn kenmerkend: elke leerling volgt een eigen leerroute, die aansluit bij wat hij of zij kan en graag wil. Theorie wordt tot leven gebracht en verdiept door middel van praktische vakken en stages.

Het Praktijkonderwijs richt zich met name op het voorbereiden op voor de leerlingen belangrijke thema’s: wonen, werken, burgerschap, leren en vrije tijd. Leerlingen leren binnen deze thema’s zo goed en zo zelfstandig mogelijk te functioneren binnen de school en in de maatschappij.

Leerwegondersteuning

Tot 2018 konden leerlingen in het vmbo op basis van specifieke criteria in aanmerking komen voor leerwegondersteuning (LWOO). Landelijk houdt deze regeling op te bestaan en in ons samenwerkingsverband is ervoor gekozen om per 1 oktober 2018 de gelden voor LWOO integraal op te nemen in het passend onderwijs. Nu kunnen scholen ondersteuning bieden aan leerlingen die dat nodig hebben, passend bij de onderwijspraktijk van de school. 

(Hoog)begaafdheid

De ondersteuning aan (hoog)begaafde leerlingen vraagt specifieke aandacht. Het doel is om te komen tot een continuüm van ondersteuningsmogelijkheden, waarin leerlingen in alle schoolsoorten passend onderwijs kunnen ontvangen. Soms is het daarvoor nodig om nauwe samenwerking tussen onderwijs en zorg te organiseren, voor ‘dubbel bijzondere’ leerlingen. In de regio zijn initiatieven genomen voor begaafde leerlingen, zoals samenwerking met primair onderwijs, een verlengde brugperiode voor gymnasiasten en intensieve begeleiding voor ‘dubbel bijzondere’ leerlingen in het havo/vwo. 

PrO-vmbo

In de periode van dit Ondersteuningsplan wordt een pilot ‘onderbouwklas PrO-vmbo’ uitgevoerd op de PrO-scholen binnen dit samenwerkingsverband. Hierin kan een PrO-school, in samenwerking met een vmbo-school, een klas inrichten voor onderbouwleerlingen op het grensvlak PrO/vmbo, waarna de leerlingen kunnen doorstromen naar de bovenbouw van het vmbo. In deze onderbouwklas wordt aan de kerndoelen van de onderbouw van het vmbo gewerkt.

Samenwerking regulier en speciaal

Sommige reguliere scholen en scholen voor voortgezet (speciaal) onderwijs ontwikkelen nauwe samenwerking. Zo kunnen leerlingen dichter bij huis dan voorheen en in een inclusievere setting onderwijs volgen. Het samenwerkingsverband stimuleert deze ontwikkelingen. 

Voortgezet speciaal onderwijs

Sommige leerlingen hebben baat bij een plek in het voortgezet speciaal onderwijs. De ondersteuning die zij nodig hebben, is zo gespecialiseerd of complex dat die niet in een reguliere setting geboden kan worden. Of een leerling toelaatbaar is voor een van deze scholen wordt bepaald door de TLV-commissie van het samenwerkingsverband, in overleg met scholen, ouders en leerlingen. De TLV-commissie adviseert het samenwerkingsverband over het afgeven van een toelaatbaarheidsverklaring voor een leerling. 

Als regel wordt eerst gekeken welke ondersteuning de eigen school nog kan bieden om passend onderwijs te realiseren, vervolgens of een andere school passende mogelijkheden heeft, en wordt een situatie voorgelegd aan het zorgplatform voor advisering of eventueel een tijdelijke externe plaatsing. Als de interventies door het zorgplatform niet volstaan, wordt aan de TLV-commissie voorgelegd of de leerling toelaatbaar is tot het voortgezet speciaal onderwijs. De werkwijze van deze commissie is elders op deze pagina te downloaden. Als een toelaatbaarheidsverklaring (TLV) is afgegeven, hebben leerlingen het recht om op een school voor speciaal onderwijs te worden ingeschreven, die een passend aanbod heeft.